‘Een nieuwe stedelijke agenda. Overwegingen voor een toekomstig grotestedenbeleid’

Het huidige grotestedenbeleid loopt in 2009 ten einde. De regering is van plan dat beleid na 2009 voort te zetten – zij het na evaluatie. Dat biedt ruimte om het komende jaar na te denken over een andere opzet van het grotestedenbeleid. Met Een nieuwe stedelijke agenda willen wij bijdragen aan de gedachtegang over die nieuwe opzet. De beschouwingen in deze publicatie zijn bedoeld als bouwstenen voor een nieuwe stedelijke agenda, die de huidige stedelijke agenda kan opvolgen. We bouwen hiermee voort op de in 2006 door het Ruimtelijk Planbureau uitgebrachte Toekomstverkenning grotestedenbeleid (Van der Wouden, Hamers & Verwest 2006).
Deze publicatie biedt een verkenning van de trends die gaande zijn in de grote steden. Die verkenning omvat niet het hele spectrum van het grotestedenbeleid; we richten ons op de thema’s die op het terrein liggen van het Ruimtelijk Planbureau: ruimtelijke economie, verstedelijking en woningmarkt, in termen van het grotestedenbeleid de ‘economische pijler’ en de ‘fysieke pijler’. De derde pijler in het grotestedenbeleid, de ‘sociale pijler’, ontbreekt hier grotendeels, met uitzondering van het wijkbeleid dat op ruimtelijke problemen is gericht. Met deze verkenning geven we geen advies over de toekomstige vormgeving van het grotestedenbeleid; we doen geen suggesties voor het gebruiken van bepaalde instrumenten, financieringsmogelijkheden of het nemen van concrete maatregelen. We trekken slechts algemene conclusies voor een ‘stedelijke agenda’ die zowel het nationale als het regionale en lokale niveau omvat.

De toekomst van de grote steden kwam ook al aan bod in de langetermijnstudie Welvaart en Leefomgeving (CPB, MNP & RPB 2006), een scenariostudie over de fysieke leefomgeving met een tijdshorizon tot 2040. De voorliggende publicatie is geen scenariostudie en heeft bovendien een kortere tijdshorizon: de meer nabije toekomst vanaf 2009. Toch heeft deze publicatie wel enkele thema’s met de langetermijnstudie gemeen. De grootstedelijke knelpunten die in
sommige langetermijnscenario’s van Welzijn en Leefomgeving naar voren komen, zijn ook in de huidige tijd en de nabije toekomst de grote knelpunten. Het gaat dan om bijvoorbeeld de stedelijke woningvoorraad, de gevolgen van immigratie en de leefbaarheid van wijken.
De opzet van deze publicatie is eenvoudig. In het eerste hoofdstuk wordt het grotestedenbeleid vanaf de start in grote lijnen geanalyseerd. Uit die analyse komen drie knelpunten naar voren, die in de daaropvolgende hoofdstukken terugkeren: de economische ontwikkelingen en opgaven, de fysieke ontwikkelingen en opgaven, en de verhouding tussen beleid en ‘de stad van het particulier initiatief’. De hoofdstukken monden telkens uit in suggesties voor een toekomstig grotestedenbeleid. Daarnaast zijn bij wijze van samenvatting de belangrijkste aanbevelingen per schaalniveau geordend en puntsgewijs samengevat in ‘een nieuwe stedelijke agenda’.
De voorbeelden over stedelijke trends en beleid zijn voornamelijk ontleend aan de vier grootste steden, en daarbinnen in het bijzonder aan Amsterdam en Rotterdam. Daar is niet alleen de probleemcumulatie het grootst, maar worden ook nieuwe ontwikkelingen het eerst zichtbaar. Dat betekent niet noodzakelijkerwijs dat de conclusies alleen tot deze steden beperkt zijn. Indien immers al wordt vastgesteld dat het zinvol is om in het beleid te differentiëren tussen Amsterdam en Rotterdam, dan is die conclusie zeker geldig voor de 31 zeer verschillende steden uit het grotestedenbeleid.

Heeft u vragen?

Op bvekennis.nl vindt u snel en eenvoudig kennis over beroepsonderwijs en volwasseneneducatie (bve). Naast onderzoeksrapporten vindt u hier onder andere beleids- en visiedocumenten en links naar relevante sites. Bvekennis.nl is een dienst van het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (Ecbo).

Bvekennis.nl bevat informatiebronnen en publicaties over de bve-sector, van onderzoeksrapporten tot beleidsnota’s. Deze verzameling wordt doorlopend aangevuld met nieuwe documenten, afkomstig uit binnen- én buitenland.

Meer weten?

Bij het samenstellen van de kennisbank zijn wij zeer zorgvuldig te werk gegaan wat betreft bronvermelding en gebruik van documenten. Mocht u eigenaar zijn van het hier genoemde document en vragen hebben over onze aanpak. Neem dan contact met ons op.